De standaardformule vanuit het inspectiekader voor het berekenen van het weerstandsvermogen
is: (Eigen vermogen ÷ Totale baten) × 100%. Deze berekening levert een percentage op dat
een indicatie geeft van de financiële buffer van je school. Laten we dit verduidelijken met een praktisch voorbeeld. Stel, een onderwijsinstelling heeft een eigen vermogen van € 500.000 en totale jaarlijkse baten van € 2.500.000. Dan is het weerstandsvermogen: (€ 500.000 ÷ € 2.500.000) × 100% = 20%. Dit betekent dat je school een weerstandsvermogen heeft ter grootte van 20% van de jaarlijkse baten.
Wat is het weerstandsvermogen van een school precies?
Weerstandsvermogen geeft inzicht in de mate waarin een onderwijsorganisatie financiële tegenvallers kan opvangen. Het is daarmee een belangrijk kengetal binnen de beoordeling van financiële continuïteit, maar nooit een zelfstandig oordeel over de financiële gezondheid van een bestuur.
Het weerstandsvermogen drukt de verhouding uit tussen het aanwezige eigen vermogen en de jaarlijkse baten (inspectiekader) Ook wordt deze berekening uitgevoerd door het eigen Vermogen te corrigeren met de waarde van de Materiële vaste activa en deze dan vervolgens weg te zetten tegen de baten. Met deze laatste berekening wordt het weerstandsvermogen gebruikt als een bufferfunctie en niet als financieringsfunctie. Immers bij financiële tegenvallers kan de vaste activa niet per direct worden verkocht om de financiële tegenvaller(s) te kunnen opvangen.
Het kengetal geeft daarmee in beide berekeningen een indicatie van de financiële buffer (%) die beschikbaar is om tegenvallers op te vangen.
Het weerstandsvermogen zegt echter niet op zichzelf of een onderwijsorganisatie daadwerkelijk aan haar betalingsverplichtingen kan voldoen. Daarvoor is ook inzicht nodig in de liquiditeit, de ontwikkeling van het resultaat, de meerjarenbegroting en de concrete risico’s die de organisatie loopt.
Weerstandsvermogen en liquiditeit worden regelmatig met elkaar verward, maar beantwoorden verschillende vragen. Liquiditeit laat zien of de organisatie op korte termijn aan haar betalingsverplichtingen kan voldoen. Weerstandsvermogen geeft inzicht in de omvang van het eigen vermogen ten opzichte van de jaarlijkse baten en daarmee in de financiële buffer voor tegenvallers.
Een onderwijsorganisatie kan voldoende liquide middelen hebben, maar toch een kwetsbare financiële positie als het eigen vermogen beperkt is, de exploitatieresultaten structureel onder druk staan of toekomstige risico’s onvoldoende zijn afgedekt. Andersom kan een organisatie een stevig eigen vermogen hebben, maar tijdelijk weinig liquide ruimte wanneer middelen vastzitten in vorderingen of geplande investeringen.
Voor onderwijsinstellingen is een gezond weerstandsvermogen van groot belang, omdat er sprake is van verschillende financiële risico’s. Denk aan dalende leerlingenaantallen, onverwachte onderhoudskosten of wijzigingen in overheidsbekostiging. Het weerstandsvermogen fungeert als vangnet om de onderwijskwaliteit te behouden tijdens tegenvallende periodes.
Wat is een gezond weerstandsvermogen voor scholen?
Een gezond weerstandsvermogen voor scholen ligt doorgaans tussen de 5% en 15% van de totale baten, afhankelijk van het schooltype en de specifieke omstandigheden. Het primair onderwijs heeft vaak een lager percentage nodig dan het voortgezet onderwijs, vanwege verschillende risicoprofielen.
Verschillende factoren beïnvloeden het gewenste niveau van weerstandsvermogen. De grootte van je organisatie speelt een rol: grotere schoolbesturen kunnen vaak volstaan met een lager percentage door risicospreiding. Ook de demografische ontwikkeling in de regio, de staat van de gebouwen en de financiële stabiliteit van inkomstenbronnen zijn bepalend.
Om te bepalen wat passend is voor een specifieke situatie, dient er een risicoanalyse te worden uitgevoerd. Het formuleren van streefwaarden voor het eigen vermogen is hierbij belangrijk. De buffer moet aansluiten bij het risicoprofiel van de onderwijsinstelling en bijdragen aan de onderwijskwaliteit en toekomstbestendigheid. Niet de absolute hoogte van het eigen vermogen is doorslaggevend, maar het verhaal erachter.
Hoe verbeter je een te laag weerstandsvermogen?
Een te laag weerstandsvermogen verbeter je door systematisch reserves op te bouwen via kostenbeheersing, inkomstenoptimalisatie en meerjarenplanning. Middels zgn. kostenflexibiliteit is het belangrijk om actief te sturen op het gewenste evenwicht tussen inkomsten en uitgaven, ook met het oog op de toekomst.
Praktische strategieën voor het opbouwen van reserves beginnen bij een grondige kostenanalyse. Bekijk alle uitgavenposten kritisch en identificeer mogelijkheden voor efficiëntiewinst zonder kwaliteitsverlies. Denk aan gezamenlijke inkoop, energiebesparende maatregelen of optimalisatie van de personeelsinzet.
Naast kostenbeheersing is betrouwbare informatie over toekomstige baten essentieel. Actualiseer leerlingenprognoses, verwerk de verwachte bekostigingsontwikkeling zorgvuldig in de meerjarenbegroting en beoordeel kritisch de looptijd en voorwaarden van subsidies en andere tijdelijke middelen. Aanvullende inkomsten, bijvoorbeeld uit verhuur, kunnen bijdragen aan de financiële ruimte, maar vormen alleen een structurele oplossing wanneer zij realistisch, duurzaam en passend binnen de organisatie zijn.
Werk met meerdere scenario’s — bijvoorbeeld basis, positief en negatief — en vertaal de uitkomsten naar keuzes voor formatie, investeringen en reserves. Daarmee ontstaat ruimte om eerder bij te sturen en worden noodzakelijke maatregelen minder abrupt.
De rol van Sterk-onderwijs?
Een gezonde financiële positie vraagt om meer dan het volgen van één financieel kengetal. Het vraagt om samenhang tussen risicoanalyse, meerjarenbegroting, formatieplanning, liquiditeit, investeringen en bestuurlijke keuzes.
Sterk-onderwijs ondersteunt schoolbesturen bij het inzichtelijk maken en versterken van hun financiële weerbaarheid. We brengen financiële risico’s en ontwikkelingen in kaart en helpen schoolbesturen om deze te vertalen naar meerjarenbegrotingen, scenario’s en concrete keuzes voor de organisatie.
Daarbij kijken we niet alleen naar de cijfers, maar vooral naar de vraag: wat betekenen deze cijfers voor de keuzes die het bestuur vandaag moet maken?
Wilt u weten of het weerstandsvermogen en de financiële sturing van uw organisatie voldoende aansluiten op de risico’s en ambities? Neem dan contact met ons op voor een verkennend gesprek of een gerichte financiële weerbaarheidsscan.
